Opvang tijdens de Paasvakantie

Door Ben Weyts op 24 maart 2020, over deze onderwerpen: Onderwijs

Op initiatief van Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts kwamen diverse beleidsverantwoordelijken en vertegenwoordigers uit allerhande organisaties samen om een oplossing te voorzien voor de opvang van kinderen in de Paasvakantie. Meer bepaald zaten onder andere Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Bart Somers, Vlaams minister van Jeugd Benjamin Dalle, Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke, het Agentschap Zorg en Gezondheid, de onderwijskoepels, de onderwijsvakbonden, de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten, de Vlaamse Dienst Speelpleinwerk, de Ambrassade en wetenschappers samen rond de tafel.

Het resultaat van het overleg is dat er ook in de Paasvakantie concrete opvang voorzien wordt voor kinderen van ouders met een cruciaal beroep, sociaal of medisch kwetsbare kinderen en kinderen met een moeilijke thuissituatie. De lokale besturen wordt gevraagd de regierol op te nemen om in samenwerking met scholen en opvanginitiatieven “Heel veel partners slaan de handen in elkaar om opnieuw een heel warm Vlaanderen te laten zien”, zeggen de betrokken ministers in koor.

Het algemene principe blijft dat kinderen zo veel als mogelijk thuis worden opgevangen tijdens de paasvakantie.

Voor kinderen waarvoor dat niet kan (zie hieronder), nemen de lokale besturen in nauw overleg met Opgroeien (ex Kind en Gezin) en de lokale scholen de komende dagen de regie in handen en voorziet het lokaal bestuur in samenwerking met de bestaande lokale partners (opvanginitiatieven, scholen,…) vakantieopvang. Dit voor kinderen uit het kleuteronderwijs en het lager onderwijs in de hieronder geschetste situaties. Kinderen uit het secundair onderwijs in vergelijkbare situaties, kunnen terecht bij een meldpunt dat door de lokale besturen wordt georganiseerd, waarna een oplossing op maat wordt gezocht.

“Zoals vele anderen nemen ook de lokale besturen hun verantwoordelijkheid in deze crisisperiode. Iedereen draagt een steentje bij zodat we de meest cruciale kinderopvang kunnen blijven garanderen tijdens de paasvakantie. Enkel door goed samen te werken komen we hier door”, zeggen de Vlaamse ministers Weyts, Somers, Dalle en Beke gezamenlijk.

Wat betreft de doelgroepen in het doelpubliek, blijven we de lijn volgen die de voorbije weken voor het onderwijs gold.

Concreet zijn er 3 groepen van gezonde leerlingen voor wie opvang wordt voorzien:

  1. Kinderen van wie de ouder(s) een job in een cruciale sector (zorg, veiligheid, voedingsnijverheid, distributie ...) uitoefenen. Zij hebben niet de mogelijkheid om thuis te werken. Ze nemen nu de zorg op van zieken en mensen die hulp nodig hebben, zorgen ervoor dat iedereen naar de winkel kan ... Het is daarom letterlijk van levensbelang dat hun kinderen worden opgevangen.
  2. Kinderen in een kwetsbare thuissituatie.
  3. Er worden alternatieve regelingen uitgewerkt voor die kinderen waarvoor er geen andere opvangmogelijkheid is. In het bijzonder voor kinderen uit het buitengewoon onderwijs die medische en/of sociale zorgnoden hebben, de onderwijsinternaten, de MPIGO’s en de IPO’s van het gemeenschapsonderwijs. De gesprekken daarover lopen nog.

Bij discussie staat het de opvang vrij een attest of bevestiging van de werkgever te vragen. Maar we rekenen toch vooral op soepelheid en een goede verstandhouding en begrip voor elkaars moeilijke situatie.

Kinderen die de voorbije dagen en weken samen zaten en daar intensief contact hadden, zijn op zich een contactbubbel of gemeenschap. Kinderen in deze contactbubbel moeten blijvend samen opgevangen worden .

Zieke kinderen blijven thuis. Wordt een kind ziek in de opvang, dan contacteert men meteen de ouders. Het kind wordt ondergebracht in een apart lokaal tot de ouders het kind komen ophalen.

Wanneer een lokaal bestuur merkt dat de bestaande opvanginitiatieven (gemeentelijk of vrij initiatief) niet kunnen voldoen aan bovenstaande principes of wanneer er geen buitenschoolse opvang wordt voorzien in de paasvakantie, dan kan het scholen (en/of andere actoren) in de eigen gemeente contacteren. Op basis van dat lokale overleg worden afspraken gemaakt over het eventuele gebruik van schoolinfrastructuur voor opvang tijdens de paasvakantie (bijvoorbeeld over gebruik en onderhoud van de gebouwen, openen en sluiten van de poort, enz.).

Voor de vakantieopvang, ook al gaat die door in de infrastructuur van de school, zorgt het lokale bestuur voor voldoende personeel (personeel van de eventuele buitenschoolse opvang, kinderbegeleiders, animatoren, vrijwilligers,…). Onderwijspersoneel kan zich tijdens de paasvakantie vrijwillig aanbieden voor deze opvang, al dan niet op vraag van de lokale besturen. Kinderen worden bij voorkeur opgevangen door personen met wie ze al contact hadden.

In deze opvang worden natuurlijk geen lesopdrachten voorzien, er is plaats voor spel en sport, met aandacht voor de huidige hygiëne-maatregelen. 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is